Please gedrag:

Hoe meer we proberen verbinding, gezelligheid, harmonie of kwaliteit te organiseren, hoe groter de kans dat we juist de vrijheid van de ander beperken.

Wanneer zorgen voor de ander eigenlijk zorgen voor jezelf worden

“Ik bedoel het alleen maar goed”; “ik wil het alleen maar gezellig hebben”; “ik wil het leuk met je hebben” verandert in een verwachting: “de ander moet (wat ik heb bedacht en verwacht) ook leuk vinden” en als dat niet zo is, ligt het niet aan mij, maar aan de ander.

Jouw teleurstelling is van jou en niet van de ander!!

 Het is een zin die we allemaal wel eens hebben uitgesproken. We bedenken een leuk uitje, organiseren een etentje, regelen iets voor een collega of partner, schrijven uitgebreide instructies voor onze opvolger, springen in waar anderen steken laten vallen en hebben het al helemaal in ons hoofd.

 We handelen vanuit de beste intenties. Tenminste, dat denken we. Maar wat gebeurt er wanneer de ander niet reageert zoals wij hadden verwacht?

Wanneer een collega onze instructies negeert.

·        Wanneer onze partner minder enthousiast is over het zorgvuldig geplande weekend.

·        Wanneer iemand niet dezelfde waardering toont voor onze inzet als wij hadden gehoopt.

·        Wanneer iemand toch dat eten maakt dat je niet zo lekker vindt.

 Dan kan er teleurstelling ontstaan. En juist die teleurstelling vertelt vaak een interessant verhaal.

 De verborgen verwachting

Vaak denken we dat we iets doen voor de ander. Maar ondertussen hebben we al nagedacht over hoe we hopen dat de ander reageert en hoe we willen dat de ander zich gedraagt: kortom, we hebben een verwachting. We hebben niet alleen het cadeau gekocht, het allemaal bedacht en geregeld, we zien het al helemaal voor ons, en we vullen ook alvast de reactie in.

·        We hebben niet alleen het uitje georganiseerd, maar ook de vermeende gezelligheid gepland.

·        We hebben niet alleen advies gegeven, maar ook bedacht hoe dat advies opgevolgd zou moeten worden.

Daarmee ontstaat een subtiele verschuiving. Het gaat niet meer alleen over geven. Het gaat ook over verwachten. En verwachtingen zijn niet van de ander, maar altijd van onszelf. Het is een vorm van gecontroleerde zorgzaamheid. Dat klinkt misschien niet zo leuk om te horen, maar ik zie het terug in gesprekken om me heen, bij dierbare mensen om me heen, en in de coaching. Onbewust projecteren we onze eigen verwachtingen op de ander: strooien we ze uit!!

·        Mensen die ontzettend betrokken, loyaal en behulpzaam zijn.

·        Mensen die alles regelen.

·        Mensen die graag voor anderen zorgen.

·        Maar onder die zorgzaamheid schuilt soms een onbewuste behoefte aan voorspelbaarheid, controle, zekerheid en duidelijkheid.

In principe gaat het om verwachtingen:

·        Als iedereen doet wat ik bedacht heb, blijft het overzichtelijk.

·        Als mijn partner geniet van wat ik heb georganiseerd, ben ik ook blij.

·        Als mijn collega werkt volgens mijn instructies, weet ik zeker dat het goedkomt.

·        De zorg voor de ander wordt dan ongemerkt een manier om rust voor jezelf te creëren.

 Van teleurstelling naar strijd

Het probleem ontstaat wanneer de ander een eigen keuze maakt. Want de ander blijkt een eigen mens te zijn: met eigen wensen; met eigen voorkeuren; met eigen verwachtingen.

 Dan ontstaat makkelijk een discussie. Een welles-nietes.

Een gesprek dat niet meer gaat over wat werkt, maar over wie er gelijk heeft.

 ·        Wie heeft de juiste visie?

·        Wie begrijpt het beter?

·        Wie heeft de beste oplossing?

 Van liefde naar verwachting naar boosheid naar discussie en competitie

Voordat we het weten, is er boosheid, teleurstelling, omdat intenties, goedbedoelde plannen, opzij worden geschoven door die ander. Om toch te laten zien hoe zorgzaam je als mens alles hebt gepland en bedacht voor de ander, en je je niet opzij wilt laten duwen, kom je verbaal in het gareel: op dat moment ligt competitie op de loer. Niet omdat iemand bewust wil winnen.

Maar omdat achter het gelijk vaak een diepere behoefte schuilgaat:

·        “Zie dat ik mijn best doe.”

·        “Erken dat mijn manier waarde heeft.”

·        “Waardeer wat ik voor je doe.”

Loslaten is iets anders dan onverschillig worden. Veel mensen denken dat loslaten betekent dat je niet meer betrokken bent.

 Dat is niet zo.

Loslaten betekent:

•             zeggen wat voor jou belangrijk is;

•             aangeven wat je nodig hebt;

•             je kennis en ervaring delen;

•             je liefde en aandacht geven;

en daarna accepteren dat de ander vrij is om daar iets anders mee te doen. Dat vraagt vertrouwen. Niet in de ander. Maar in jezelf.

 Een confronterende vraag

Wanneer je teleurgesteld raakt omdat iemand niet doet wat jij had gehoopt, vraag jezelf dan eens af:

·        Heb ik iets gegeven?

·        Of heb ik iets gegeven met een verborgen verwachting erbij?

·        Dat verschil bepaalt vaak of zorgzaamheid verbindt of juist verwijdert.

Want echte verbinding ontstaat niet wanneer de ander doet wat jij hebt bedacht.

Echte verbinding ontstaat wanneer er ruimte blijft voor twee verschillende werkelijkheden.

Zonder dat er een winnaar of verliezer hoeft te zijn.

 Wat is de oplossing?

 ·        Niet stoppen met geven.

·        Niet stoppen met zorgen.

·        Niet stoppen met uitleggen.

 Maar stoppen met verwachten dat de ander vervolgens moet denken, voelen of handelen zoals jij hebt bedacht.

 ·        Zeg wat voor jou belangrijk is.

·        Vertel wat je nodig hebt.

·        Geef wat je wilt geven.

 En laat daarna de vrijheid bij de ander. Want echte verbinding ontstaat niet wanneer iemand doet wat jij wilt. Je maakt je als mens onbewust afhankelijk van het gedrag van de ander.

 Echte verbinding ontstaat wanneer twee mensen verschillend mogen zijn, zonder dat de één de ander hoeft te overtuigen.